Wie elke dag zijn stinkende best doet, vroeg opstaat om te gaan werken en bijdraagt, moet daarvoor iets in de plaats krijgen. Zoals een deftig loon, waarmee je wat kunt sparen of wat genieten van het leven.

Tijd om vooruit te gaan.

Een sterke en efficiënte overheid moet de krijtlijnen vastleggen voor een economie die werkt en die draait, maar dan wel voor iedereen. Die de winst (en ook tijd is winst) uit de economie - en dan vooral de nieuwe economie - eerlijk verdeelt. Vandaag geven we meer uit aan mensen die thuis zijn door burn-out of andere arbeidsongeschiktheid dan aan mensen die werkloos zijn. Zover is het gekomen.

Tijd om vooruit te gaan.

En wie heel zijn leven gewerkt heeft en bijgedragen heeft, die verdient op het einde van de rit een pensioen die naam waardig. Om wat te kunnen genieten. Daarom vinden wij al héél lang dat als je je leven lang uit de naad hebt gewerkt, je minstens een pensioen verdient van 1.500 euro. Andere partijen vinden dat intussen ook. Tja, waar wachten we dan nog op?